4. Nieuw btw-identificatienummer: dit moet u weten

Tussen 10 en 31 oktober 2019 ontvingen bijna 1.3 miljoen eenmanszaken een nieuw btw-identificatienummer (btw-id). In dat nummer is het burgerservicenummer (BSN) niet verwerkt.
Het btw-id is alleen nog naar het bedrijf te herleiden. Zo is de privacy van ondernemers met een eenmanszaak beter gewaarborgd. In dit bericht leest u antwoorden op de vragen: wanneer moet uw klant het btw-id gaan gebruiken? En zijn leveranciers en klanten, moeten die ook het btw-id gaan gebruiken? Wat gebeurt er met het oude omzetbelastingnummer?
Het btw-id vermeldt de ondernemer vanaf 1 januari 2020 op zijn facturen, internetsite en gebruikt het voor contacten met klanten en leveranciers. Ook aanpassing van het nummer in de software (zowel in die van u als van uw klant) is nodig. Het btw-id is een persoonlijk, uniek nummer en bestaat net als nu uit: NL - 9 cijfers - B - 2 cijfers. Het verschil is dat de 9 cijfers niet langer gerelateerd zijn aan het BSN en het controlenummer na de B een willekeurig getal is.
Het BSN-gerelateerde omzetbelastingnummer (ob-nummer) blijft u gebruiken bij contact met de Belastingdienst rond de afhandeling van de omzetbelasting. De ondernemer ziet het ob-nummer terug op het portaal als hij btw-aangifte doet. En het staat in de brieven over de omzetbelasting die u of uw klant van de Belastingdienst ontvangt.

Klanten en leveranciers
Het btw-id identificeert uw klant als btw-plichtig ondernemer. Het geeft aan dat uw klant btw in rekening mag brengen. Daarnaast gebruiken zijn klanten het btw-id om met de EU-zoekmachine VIES na te gaan of een bedrijf ingeschreven is voor handelstransacties met bedrijven in andere EU-landen. Het huidige btw-id (na 1 januari ob-nummer) staat vanaf 1 januari 2020 niet meer in VIES. De onderneming is vanaf die datum onder het nieuwe btw-id te vinden in VIES. Voor de Belastingdienst is de historische informatie wel zichtbaar in VIES.
Leveranciers van uw klant gebruiken zijn btw-id in hun administratie om er zeker van te zijn dat uw klant een btw-plichtige ondernemer is. Leveranciers kunnen zijn btw-id bijvoorbeeld gebruiken om btw aan hem te verleggen. En ook (buitenlandse) leveranciers gebruiken het btw-id om het bedrijf van uw klant in VIES te controleren op inschrijving.
Als uw klant als eenmanszaak intracommunautair inkoopt/verwerft, dan moet vanaf 1 januari 2020 de buitenlandse leverancier het btw-id van uw klant op zijn factuur vermelden. Krijgt uw klant in 2020 een factuur voor prestaties die de EU-leverancier al in 2019 heeft verricht? En staat op deze factuur toch het ob-nummer? Dan hoeft uw klant de leverancier niet te vragen om een factuur met het nieuwe btw-id.

MOSS
Ook in de regeling Mini One Stop Shop (MOSS) moet uw klant vanaf 1 januari 2020 het btw-id gebruiken. Uw klant krijgt in 2019 nog 2 brieven over de aanpassing van zijn btw-id voor de MOSS: eind november een afmeldingsbrief en begin december een aanmeldingsbrief. Uw klant is niet af- en later weer aangemeld voor de MOSS-regeling. Uw klant krijgt deze brieven omdat de Belastingdienst het btw-id voor de MOSS aanpast.
Artikel 23
Beschikt uw klant als eenmanszaak over een vergunning artikel 23 van de Wet op de omzetbelasting 1968? Dan ontvangt hij in het 4e kwartaal van 2019 van de Belastingdienst een nieuwe vergunning met het nieuwe btw-id.

Aankoop zonnepanelen
Heeft uw klant destijds een btw-nummer ontvangen bij de aanschaf van zonnepanelen? En aangifte gedaan omdat hij de btw ontvangt? Het nieuwe btw-id is dan niet nodig omdat uw klant niet factureert en geen aangifte omzetbelasting meer doet. Hebt u het btw-identificatienummer in de toekomst wel nodig omdat uw klant btw-belaste leveringen of diensten gaat verrichten? Neem dan contact op met de Belastingdienst.

Nieuwe KOR en Vrijgestelden
Ondernemers die vrijgesteld zijn van btw of gebruik maken van de nieuwe KOR hebben in het verleden een btw-nummer ontvangen. Daarom hebben zij ook dit nieuwe btw-id nummer ontvangen. Zij hoeven hier niets mee te doen, behalve de brief met het btw-id goed bewaren mochten zij deze in de toekomst nodig hebben. Bijvoorbeeld als ze goederen of diensten gaan leveren die met btw zijn belast.